Kunstaankopen, kunstbehoud, monografieën, exposities
Frans & Kapma Foundation

Galerij

Er is zoveel geweldige kunst! Kunst die gedachten laat dwalen, emoties oproept en
nieuwsgierig maakt naar de verhalen erachter.
Een kleine impressie van kunst die ons raakt!

Maak kennis met de kunstenaars, vertegenwoordigd in de FRANS & KAPMA COLLECTIE.

37. Johan Kiesewetter
38. Douwe Elias
39. Branko Lavaleije
40. Evert Musch
41. David Oyens
42. Joost Doornik
43. Ferdinand Boersma
44. Kees van Bohemen
45. Hilda Blom
46. Irène Battaille
47. Jan te Wierik
48. Harm Kamerlingh Onnes


'De voorstelling', 1985
Pastel op papier, 64 x 97 cm
Gesigneerd: r.o 'k.v.bohemen 85'
Kees van Bohemen (1929-1986)

Hyperactief wordt hij genoemd en inderdaad wilde Kees van Bohemen niets missen van het avontuur dat leven heet. Er alles uithalen en de grenzen van het bestaan aftasten. Met tomeloze energie werpt hij zich na W.O.II op het scheppen van kunst, die het nieuwe levensgevoel, de kracht van de wederopbouw en de ongekende mogelijkheden die plots voor het grijpen liggen, weergeeft. 'Hij wilde produceren, consumeren en communiceren, het leven zo intensief mogelijk in zich opnemen', schrijft Paul van de Lucht in Kunstbeeld (1988). 'In zijn schilderkunst daagt hij spanning en gevaar uit.'

Slechts 56 jaar is hij geworden, maar Kees van Bohemen heeft een indrukwekkende staat van dienst. Zo is hij lid van schildersclubs als de Haagse Kunstkring, Pulchri Studio, Liga Nieuwe Beelden en de Posthoorngroep. Eind jaren vijftig van de 20e eeuw vormt hij samen met Jan Schoonhoven, Armando, Jan Hendrikse en Henk Peeters de Nederlandse Informele Groep, die de vormloze kunst als tegenpool van de geometrische abstractie propageert. Van Bohemen schildert in deze periode abstracte doeken met veel zwart en wit. In 1960 is hij mede- oprichter van de groep Zéro, een Nederlandse Nulbeweging die contacten onderhoudt met zielsverwanten in Duitsland, Italië en Frankrijk. Deze internationale periode heeft grote invloed op zijn werk en resulteert in een eigen stijl, waarin kleur belangrijker wordt en abstracte en figuratieve elementen worden gemixt, zoals op deze pastel.

Als geboren Hagenees volgt Kees van Bohemen van 1943 tot 1948 de Academie voor Beelden Kunst in de residentie. Van 1952 tot 1962 woont hij in Parijs, waar hij is te vinden in het gezelschap van onder meer de Nederlandse kunstenaars Karel Appel, Corneille (waarmee hij tot 1957 het atelier deelt), Bram Bogart en Lotti van de Gaag. In 1953 krijg hij een studiebeurs van de Franse regering. Hij wordt geëerd met de Talensprijs (1963), de Jacob Marisprijs (1964), de Wedgewoodprijs (1966) en de Europaprijs (zilveren medaille, 1966). In 1966 verblijft hij een jaar in New York, waar hij veel succes heeft met zijn fel gekleurde schilderijen van sportfiguren. Zijn werk is te vinden in talloze musea, waaronder het Gemeentemuseum Den Haag, het Stedelijk Museum Amsterdam en Museum Boijmans van Beuningen te Rotterdam.