Kunstaankopen, kunstbehoud, monografieën, exposities
Frans & Kapma Foundation

Galerij

Er is zoveel geweldige kunst! Kunst die gedachten laat dwalen, emoties oproept en
nieuwsgierig maakt naar de verhalen erachter.
Een kleine impressie van kunst die ons raakt!

Maak kennis met de kunstenaars, vertegenwoordigd in de FRANS & KAPMA COLLECTIE.

109. Helen Martina
110. Chris Soer
111. Ada Stel
112. F.A. Mooy
113. Nico van Rijn
114. Jack Jefferys
115. Laetitia de Haas
116. Willem van den Berg
117. Aris Knikker
118. Herman Bieling
119. János Bittenbinder
120. Cornelis Vreedenburgh


'Wilde bloemen', ca. 1983,
Kleurpotloodtekening, 29 x 26 cm,
Gesigneerd: r.o. 'h.cornelder'
Henk Cornelder (1896-1990)

Vandaag de dag is de belangstelling voor de edele tekenkunst gering, wat ook de waardering beïnvloedt. Ondanks initiatieven als het Drawing Centre in Diepenheim, waar juist alles draait om tekeningen, gemaakt met potlood, houtskool, krijt of inkt. Jammer, want tal van kunstenaars hebben indrukwekkende tekeningen gemaakt, zoals de krankzinnigen-tekeningen van Jan van Herwijnen en de 'psalmen' van Kees Stoop. Uitzonderingen, want wel kostbaar en zeldzaam zijn natuurlijk de tekeningen van wereldvermaarde meesters zoals Rembrandt van Rijn, Leonardo da Vinci, Pablo Picasso en Maurits Cornelis Escher, maar tekeningen van kleine meesters zijn bepaald ondergewaardeerd..

Hendrik Willem ('Henk') Cornelder is zo'n tekenkunstenaar, die met veel gevoel, welhaast liefde, elementen uit de natuur met zijn potlood teder en secuur op papier tot leven wekt. Hij krijgt les van zijn moeder, Thomasine Adrienne Cornelder-Doffegnies (1865-1937), aquarelschilderes en tekenares van bloemen. Zij is opgeleid aan de Academie van Beeldende Kunsten in Den Haag en was lid van de kunstenaarsorganisatie Arti et Amicitiae te Amsterdam. Behalve zijn moeder hebben ook de volgende personen bijgedragen aan zijn professionele opleiding: Henri Leeuw (de schoonvader van Paul Bodifée), Eugène Lücker, de Belg Henri Luijten (in 1914), de Duitser Max Dörner (1922-1923) en Johan Thorn Pricker die in München aan de Kunstgewerbeschule doceerde. Verder krijgt hij adviezen van o.a. Jan Toorop en Dick Ket.

De kunstenaar woont onder meer in Berg en Dal, Nijmegen, Woerden, Den Haag, Neerbosch en Plasmolen. Cornelder maakt ook studiereizen naar Zuid-Duitsland (1922), Oostenrijk (1923-1924) en Düsseldorf (1935). Hij is relatief lang lid van de Plasmolengroep, toentertijd een actieve kunstenaarsorganisatie, die veel exposeerde in Nijmegen en omgeving. De laatste twintig jaar van zijn leven verblijft hij in Nijmegen.

Het accent van zijn werk ligt op het met potlood tekenen van planten en bloemen. In de Stichting Jacques van Maurik Lexicon (1946) zegt Leo Niehorster over hem: 'Voor alles is Cornelder een teekenaar, zijn kracht is zijn groote toewijding en de haast vrome aandacht waarmee hij zijn object beluistert (...). Ook zonder gebruik van kleuren wist hij zijn tekeningen ontelbaar veel tinten te geven.'
De aquarel 'Wilde bloemen' is op de expositie in het gemeentehuis van Mook (2001) gekocht. We bewonderen de toewijding waarmee de intense schoonheid van de bloemen is weergegeven. Daarvoor moet je als het ware de bloemen telescopisch hebben beluisterd.