Kunstaankopen, kunstbehoud, monografieën, exposities
Frans & Kapma Foundation

Galerij

Er is zoveel geweldige kunst! Kunst die gedachten laat dwalen, emoties oproept en
nieuwsgierig maakt naar de verhalen erachter.
Een kleine impressie van kunst die ons raakt!

Maak kennis met de kunstenaars, vertegenwoordigd in de FRANS & KAPMA COLLECTIE.

73. Joseph Mous
74. Jacques Mels
75. P.N. van de Wall Perné
76. Liesbeth Rahder
77. Willy Sluiter
78. Fred Sieger
79. Ciano Siewert
80. Harrie Lenferink
81. F.A. van Oostveen
82. Willy Fleur
83. Anton Heyboer
84. Bart de Graaf


'Winter in Parijs'
Olieverf op doek, 30 x 40 cm,
Gesigneerd: r.o. 'jan korthals'
Jan Korthals (1916-1972)

Vanuit zijn huis op een prachtige plek - Amstel 272 - in Amsterdam schilderde Johannes (Jan) Korthals bij wisselend licht de 'Magere Brug', de 'Hoge Sluis' en 'Carré'. Ook elders in de hoofdstad legde hij straat- en markttaferelen vast, inmiddels vervlogen tijdsbeelden. Steden boeiden hem; veelvuldig reisde hij naar Parijs en naar steden in Engeland, Spanje, Italië, Joegoslavië, Duitsland, Zwitserland en België om er de typische sfeer te vereeuwigen.

Reeds als kind trekken zijn tekeningen de aandacht, maar zijn ouders stimuleren hem om de opleiding aan de HBS te volgen en aansluitend te solliciteren naar een administratieve functie. In zijn vrije tijd blijft hij echter tekenen en (later) schilderen en wel op een dusdanig niveau, dat hij op 19 jarige leeftijd al lid mag worden van kunstenaarsvereniging 'St. Lucas'. Een subsidie van de Koninklijke Vereniging voor Steun aan Jeugdige Beeldende Kunstenaars stelt hem in de gelegenheid om de avondcursussen aan de Kunstnijverheidsschool te volgen. Ook bezoekt hij de Rietveld Academie in Amsterdam en de Academie der Schone Kunsten te Antwerpen, waar hij les krijgt van onder meer Hendricus IJkelenstam en Jos Rovers. Van veel invloed op zijn artistieke ontwikkeling is zijn oom, de kunstenaar Marie Henri Mackenzie. In de monografie 'Jan Korthals, de laatste Amsterdamse impressionist' (2006) staat het citaat 'ik heb veel gehad aan de leiding van oom Rie, die een leerling was van George Hendrik Breitner'. Onder invloed van Mackenzie wordt hij een groot bewonderaar van Breitner en blijft dat zijn hele leven.

In 1942 trouwt hij met Truus Brüning die hem aanspoort zijn veilige functie bij de politie te verruilen voor een onzeker kunstenaarsbestaan. De eerste jaren zijn bepaald geen vetpot. Pas in de jaren vijftig keert het tij. Hij krijgt opdrachten om stadsgezichten in Parijs te maken voor kalenders van drukkerij Senefelder, Nederlandse Lloyd, Nederlandse Middenstandsbank, Hoogovens en Dagblad van het Noorden. Tussen 1956 en 1965 geeft hij ook eigen kalenders uit. Verder ontpopt hij zich tot een succesvol illustrator. Korthals heeft veel geëxposeerd, in Europa, maar ook in de Verenigde Staten en Canada. Het boek 'Schilders van Amsterdam' (2000) typeert hem zo: 'Jan Korthals, die met een lossere penseelstreek de erfenis van Breitner interpreteerde'.